Nederlands kerstbrood

De laatste weken van het jaar zijn altijd een tijd om traditioneel en smakelijk eten te koken en te bakken. Sommige gerechten worden alleen tijdens Kerst gegeten. De kerststol is zo´n typisch winters brood en erg populair in Nederland. Daarnaast zijn er ook een paar andere soorten brood, die minstens net zo lekker, maar misschien minder bekend zijn. Tijd voor verandering!

Duivekater

Duivekater is een typisch wit en zoet brood, dat oorspronkelijk uit de regio ten noorden van Amsterdam komt. Het brood is plat, ongeveer 50 centimeter lang en heeft aan beide uiteinden krullen. Duivekater bestaat uit meel, gist, melk, eieren, suiker en geraspte citroenschil. Het brood is zacht en heeft een zachte bruine korst. De smaak is erg fijn en subtiel en je eet een plak duivekater het liefst met boter. Duivekater wordt gegeten tijdens Kerst en met Pasen, en vaak ook met Sinterklaas. Het recept van het brood is vrij oud, want zelfs de beroemde Nederlandse schilder Jan Steen schilderde al een duivekater in één van zijn zeventiende eeuwse schilderijen.

Dikke koek
Een ander typisch Nederlands brood is dikke koek (zie de foto). De koek, eigenlijk is het meer een brood, wordt gemaakt van meel, eieren en melk en wordt gevuld met rozijnen, krenten en sukade. Nadat alle ingrediënten gemengd zijn, ontstaat een zwaar en dik deeg. Het brood moet lang in de oven (ongeveer 1,5 uur) op een lage temperatuur (150 C), zodat het brood langzaam gaar kan worden. Wanneer de korst bruin en knapperig is, is het brood klaar! Je kunt dikke koek warm of koud eten en traditioneel wordt het brood met boter en bruine suiker gegeten. Het brood is vrij zwaar, vandaar de naam.

[English]

You might also like: